WAT IS ER NOU ZO LEUK AAN EEN TOVERLANTAARN? |
|
Een verzamelaar vertelt hoe hij er toe gekomen is toverlantaarns te gaan verzamelen. Foto's: Mijn eerste lantaarn, bijzondere pijp, verende plaathouder, geblauwd blik Johann Falk, Duitsland 1900. - Toverlantaarn met ingebouwde olielamp. Boven- en onderdeel zijn scharnierend met elkaar verbonden, merk en herkomst onbekend. |
Toen ik
zo'n zestig jaar geleden ter wereld kwam stond de zon in het
sterrenbeeld Kreeft en dat betekent, onder meer, dat ik was voorbestemd een
verzamelaar
te worden. Zo iemand die nooit iets kan weggooien en wiens kasten uitpuilen van
de spullen die 'ooit nog wel eens van pas zouden kunnen komen'.Op een rommelmarkt in Haarzuilens kocht ik in 1972 mijn eerste toverlantaarn voor twaalf en een halve gulden (gevraagd werd vijftien gulden maar op een rommelmark moet je nu eenmaal pingelen). Ik werd getroffen door de fraaie schoorsteenpijp. Geen gladde, kromme of geknikte pijp, zoals bij de meeste lantaarns, maar een pijp die doet denken aan de oude stoomlocomotieven die in Wild West-films rondrijden. De lantaarn was vervaardigd door de speelgoedfabrikant Johann Falk uit Neurenberg, maar dat wist ik toentertijd nog niet. Ik wist toen nog helemaal niets van toverlantaarns! Hij kreeg een mooi plaatsje in onze huiskamer. Niets aan de hand nog. Maar iemand die hem daar zag staan schonk mij de tweede. Zijn buurvrouw had dat ding al bijna met het groot vuil meegegeven. Toen had ik dus opeens een verzameling. Ik stroopte alle rommelmarkten af, zette advertenties in personeels- en huis-aan-huisbladen en gaandeweg werd mijn verzameling groter. Veel exemplaren waren bedekt met stof en vuil en roest van tientallen jaren. Zij werden door mij grondig schoongemaakt, opgepoetst en zonodig gerepareerd. Al gauw waren het er enkele tientallen. De laatste jaren gaat het wat minder snel want het aantal mensen dat 'misschien nog wel iets op zolder heeft staan' wordt steeds kleiner. Ik heb de meeste van mijn lantaarns een bijnaam gegeven; om ze uit elkaar te kunnen houden. De
eerste heet, natuurlijk, 'Haarzuilens'. Een ander heet 'Mevrouw van Hunnik',
naar de gulle geefster ervan. Ik heb een 'Eitje', een 'Slagschip'
en een 'Leienaar'. Een filmprojector heet 'Frits' naar de vorige eigenaar
Frits Thors, de tv-nieuwslezer met het sneeuwwitte haar. Al die lantaarns
nemen een hoop ruimte in beslag, zijn verschrikkelijke stofnesten en
moeten voortdurend beschermd worden tegen roest en verval. Maar ik wil ze
niet meer missen. Ze hebben allemaal hun eigen verhaal. Ze zijn een beetje
familie van me geworden.Wat is er nou zo leuk aan een toverlantaarn? Ach, een toverlantaarn is niet zo maar een apparaat. Het is veel meer. De bijzondere sfeer die om een toverlantaarn hangt kan ik niet beter tekenen dan de anonieme schrijver van het gedicht dat ik vond in een oud kinderboek: |
|
|
|
|
![]() |
|
|
©1999-2003
'de Luikerwaal' Alle rechten voorbehouden. Bijgewerkt tot 17-10-2003. |
|