![]() |
De Belgische uitvinder, natuurkundige
en onderzoeker van de optica Etienne
Gaspard Robertson was een van de eersten die een indrukwekkende
griezelshow presenteerde met behulp van de toverlantaarn. In een
verlaten klooster in Parijs, temidden van oude graftombes en afbeeldsels,
vond hij de volmaakte omgeving voor zijn optische geestenvoorstellingen.
De beelden werden geprojecteerd op een doorschijnend scherm dat tussen
de lantaarn en het publiek was opgehangen, waardoor de lantaarn
verborgen bleef voor de toeschouwers. De bezoekers zagen
angstaanjagende, ontstellende afbeeldingen op het scherm verschijnen,
zoals skeletten, duivels, geesten en andere akelige gedaantes. De
gedaantes op het scherm werden soms plotseling groter en groter, waardoor het leek
alsof zij op de huiverende toeschouwers af renden, of zij krompen ineen
om te verdwijnen in een lichtstip, waarbij de sidderende bezoekers
onverwacht in een bijna volslagen duisternis werden gehuld. |
||
| Voor
dat doel werd een toverlantaarn gebruikt die gemonteerd was op een
verrijdbaar onderstel. Daardoor kon de lantaarn vanachter naar het scherm toe
rijden, of er weer vanaf bewegen, om op die manier de geprojecteerde gedaantes
te laten uitgroeien tot enorme reuzen, of te laten inkrimpen tot dwergen.
Tengevolge van de variërende afstand tussen de
lantaarn en de achterkant van het scherm zouden volgens de optische
wetten de scherpstelling en de lichtintensiteit veranderen. Het apparaat was echter uitgerust
met een ingenieuze automatische scherpstelling en
belichtingsregeling om dit te compenseren. Een combinatie van raampjes, riemen, stangen,
hefbomen en andere voorzieningen, gekoppeld aan de wielen van het
onderstel, zorgde er voor dat de lens naar voren en naar achteren kon
schuiven, waardoor altijd de juiste brandpuntafstand ontstond. Een
masker met een driehoekige uitsnede kon voor de lens op en neer
schuiven, waardoor de hoeveelheid licht steeds gelijk bleef terwijl de lantaren
werd verplaatst. Robertson noemde zijn verrijdbare lantaren een 'Phantascope'. |
![]() |
||
Het effect werd nog verhoogd door het gebruik
van toneelmachines die het geluid konden laten horen van
een rollende
donder, doodsklokken en doordringende bovennatuurlijke klanken en ook
rookwolken, mist en lichteffecten produceerden. Robbertson werd verder
nog bijgestaan door wat assistenten die zich in de zaal rondbewogen met
kleine lantaarns die zij op hun borst hielden. Daarmee werden dan nog
wat, over de tombes en muren dansende, losse geesten en monsters aan de
voorstelling toegevoegd. |
![]() |
|
Robertson
was een expert in het projecteren van portretten van
overledenen tijdens zijn voorstellingen, vaak op speciaal verzoek van een
ontroostbare relatie. "Een jonge dandy vroeg of hij de vrouw die hij innig lief had gehad, terug kon zien en toonde een medaillon met een portretje aan de Fantasmagorist, die wat veren van een mus in een kolenvuurtje wierp, en verder een paar korrels fosfor en een dozijn vlinders. Na enige tijd werd een vrouw zichtbaar, met een onbedekte borst en loshangend haar, die naar haar vriend staarde met een droevige en zwaarmoedige glimlach." Bron van de gekleurde afbeeldingen: Video-CD 'La Préhistoire du Cinema' van Infogrames.
|
|
| De met de hand geschilderde figuren op de lantaarnplaten van Robertson waren met zwarte verf omgeven waardoor ze, met de relatief zwakke lichtbronnen uit die tijd, beter uitkwamen. Nog steeds worden lantaarnplaatjes die met zwarte lak zijn opgevuld, wel fantasmagorieën genoemd. |
Al snel begonnen ook anderen met het geven van Fantasmagorie shows in
Engeland, Duitsland, Amerika en andere landen.
Robertson (oorspronkelijk Robert) werd in 1763 in het Belgische Luik geboren. De tombe waarin hij na zijn dood in 1837 werd bijgezet bevindt zich op de begraafplaats Père-lachaise in Parijs. |
||
|
|
|
|
©1999-2006
'de Luikerwaal' Alle rechten voorbehouden. Bijgewerkt tot 02-08-2006. |
|