| Nevelbeelden
(deel 1) (Overvloeiers - Dissolving views) |
|
| Deze bijzondere
manier waarop toverlantaarnplaten vertoond worden,
vereist de aanwezigheid van tenminste twee lantaarns die, ofwel naast
elkaar, ofwel bovenop elkaar geplaatst worden. Zij moeten zodanig worden
opgesteld dat hun optische assen in één punt samenkomen, zodat
de ronde lichtvlakken die zij op het scherm projecteren precies samenvallen.
Een mechanisme op of voor de lantaarn zorgt er voor dat de projectie van
het ene beeld verdwijnt terwijl het volgende verschijnt. Dit beurtelings
opkomen en verdwijnen van de beelden kan ook worden bereikt door de
lichtbron in de lantaarns te regelen. Later werden hiervoor biunials
gebruikt (twee lantaarns in één, boven elkaar geplaatst), en nog later
drievoudige lantaarns of triunials. Vooral in combinatie met mechanische lantaarnplaten kan het effect zeer indrukwekkend zijn. Soms is er geen relatie tussen de beelden, maar meestal is die er wel, bijvoorbeeld eenzelfde tafereel bij dag en bij nacht. Op deze manier kunnen heel geraffineerde, verrassende effecten worden gepresenteerd. Een bijzonder populaire set overvloeiers was 'De droom van een soldaat': een soldaat ligt te slapen op het slachtveld terwijl boven zijn hoofd steeds wisselende herinneringen aan thuis verschijnen. Een eenvoudiger gebruik van het overvloeier effect is de wisseling van dag naar nacht of van zomer naar winter. In het begin van de 20e eeuw werd de populariteit van de overvloeiers minder, doordat de bewegende film nog indrukwekkender effecten begon te ontwikkelen. De overvloeiers en in- en uitvloeiers die nog steeds veelvuldig in films worden toegepast, zijn voortgekomen uit hetzelfde visuele effect. |
![]() |
![]() |
||
| De
Lente met zijn bloeiende bloemen. |
de platen | De
Herfst met zijn vallende bladeren. |
|
| de lantaarn | Deze
werkelijk schitterende dubbele lantaarn is waarschijnlijk
vervaardigd door ene John F. Hand (de naam op het schildje is moeilijk te lezen). Zo' n dubbele lantaarn, ook wel biunial genoemd, is geschikt voor het geven van zeer hoogwaardige toverlantaarnvoorstellingen. Zoals het woord bi-unial al aangeeft, bestaat deze lantaarn in werkelijkheid uit twee lantaarns in één. Zo zijn er twee lenzenstelsels en twee lichtbronnen, de één geplaatst bovenop de ander. Ze zijn op die manier geplaatst voor het gemak van de lantaarnist, die daardoor beide lantaarns kan bedienen zonder heen en weer te moeten lopen. Een drievoudige of triunial lantaarn bestaat uit, zoals u wel zult vermoeden, drie lantaarns die bovenop elkaar geplaatst zijn. Afmetingen 26 x 26 x 12 inches (65 x 65 x 30 cm). De lenzen komen van Darlot (Parijs). ca 1890. |
|
De
opstelling van de lantaarns, waarbij de twee systemen boven elkaar
zijn geplaatst in plaats van naast elkaar, werd pas mogelijk na de komst
van het kalklicht. Het regelen van de verlichting was in die dagen een risicovolle en
moeilijke aangelegenheid. Het licht in de ene lantaarn moest tot zijn volle sterkte worden gedraaid voordat
het licht in de andere begon te doven. Voor de verdeling van het gas
naar de branders werd een verdeler, een stelsel van verdelende kranen
gebruikt.Hedendaagse lantaarnisten hebben het maar gemakkelijk: zij gebruiken meestal halogeenlampjes in hun biunials, geregeld met behulp van een elektronische dimmer. |
Op de lantaarn was altijd een
voorziening aangebracht waarmee de lenzen zo konden worden ingesteld
dat de geprojecteerde beelden nauwkeurig samenvielen. Op die manier kon
de ene afbeelding onmerkbaar in de andere overvloeien. In dit geval
wordt dit bereikt door de bovenste lantaarn wat naar voren te kantelen. |
|
| 'OPTIMUS' PAIRS OF LANTERNS FOR DISSOLVING.
|
|
De oudere
lantaarns waren voorzien van een mechanische overvloei installatie
die bestond uit een stel metalen schermen met scherpe, vinvormige
uitsparingen aan een van de randen. Met behulp van een eenvoudig hefbomenstelsel
werden de schermen heen en weer bewogen, waardoor de ene geleidelijk de
lens van de rechterlantaarn bedekte terwijl de ander de lens van de
lantaarn ernaast vrijgaf. Een andere manier was het openen en sluiten
van de koperen, klepvormige schijven, voorop de lenzen. Daarvoor moest
men dan wel allebei de handen gebruiken. Na de komst van de regelaar voor de gas-toevoer konden overvloeiers ook worden gemaakt door het opdraaien van de vlam van de ene kalklichtbrander, terwijl de vlam van de ander werd getemperd. Foto links: Deze mechanische overvloeiregelaar werd vervaardigd door de "Service des Projections Lumineuses de la BONNE PRESSE", 5 rue Bayard, Paris 8e, L'UNIVERSEL in de jaren 1900. Dit apparaat is voorzien van het patent: S.G.D.G. |
![]() |
||
In latere jaren,
vooral wanneer er drievoudige lantaarns werden gebruikt, werd het
mogelijk nog meer effecten toe te voegen. De ramen van een gebouw konden
verlicht worden door het gebruik van een plaat waarop alleen de
verlichtte ramen waren afgebeeld en verder helemaal zwart was (zie: Levende
modellen, plaat 3). Het kwam ook nogal eens voor dat het
tijdens het vertonen van een overvloeier op het scherm, plotseling
zachtjes begon te sneeuwen. Dit indrukwekkende effect werd bereikt met
behulp van een lange strook ondoorzichtig katoen waarin kleine gaatjes waren
geprikt. Het werd op twee rollers gewonden die in een houten frame
zaten. Wanneer de katoenstrook door de bovenste roller naar boven werd
getrokken, door aan een hendeltje aan de zijkant van het frame te
draaien, leek het of er sneeuw begon te vallen in het vertoonde landschap. |
de toebehoren | |
|
Door de opkomst
van glazen platen zonder houten frame in het 8 x 8 of
8 x 10 cm formaat, werd het gebruik van plaathouders
noodzakelijk. Een veel gebruikte, eenvoudige uitvoering was de
duplex-houder voor twee lantaarnplaten, waarbinnen een houten frame heen
en weer kan worden geschoven. |
Het hele systeem is 28 cm (11”) lang, 11,5 cm (4 1/2") hoog en 2 cm (7/10”) dik. De 'schuiver', onder op de plaatwisselaar schuift ruim 15 cm naar buiten. Volgens de gebruiksaanwijzing kan de wisselaar gebruikt worden voor iedere maat lantaarnplaat van 3 1/4" x 3 1/4" tot 4 1/4" x 3 1/4". Een klein verzonken schildje op de houder vermeldt ‘R.R.Beard, Selfcentering Eclipse’ |
|
| het sfeertje
|
In zijn boek 'De Tooverlantaarn. De Wijze van Samenstelling en Gebruik.' (vertaling van 'The Magic Lantern. How to Buy and How to Use it' by A Mere Phantom) beschrijft C.L. Brinkman een voorstelling met 'nevelbeelden' als volgt:
|
- Vóór ons, gloeiende in de gulden stralen der morgenzon
staat een trotsch paleis; - de muren schitterende in het zuiverste
witte marmer, tooveren voor onze oogen een onzer droomen tot
werkelijkheid, en vormen het midden van een liefelijk landschap met
eenen achtergrond van majestueuse bergen, aan wier voet eene
doorschijnende beek zachtkens aan voortkabbelt, terwijl het azuren
uitspansel over het geheel een tooverwaas werpt, dat ons
onwillekeurig aan een “beter land” doet denken. - Maar ziet!
langzamerhand wordt het landschap onduidelijk; - weg is het schijnbeeld; -
verdwenen de toovergloed: - een graauwe nevel treedt in de plaats; tot
ijs stolt de rivier; naakt en bladerloos zijn de boomen; wit en van
hare bloesems beroofd de velden en tuinen; - ook onze opgewekte
stemming daalt. - Maar, daar komen de schaatsenrijders op het tooneel;
het sneeuwt, eerst naauwelijks merkbaar, dan digter, en het tafereel
is half in het duister gehuld, als plotseling weer het tooverpaleis,
de uitgestrekte heuvelklingen, het schoone landschap en de blaauwe
hemel in de plaats treden; en als ook dat beeld weder verdwijnt gaan wij henen
vol van genot en van bewondering hoe de begoocheling werd te weeg
gebragt. - |
|
|
|
het resultaat |
Nog veel meer overvloei-sets..........
|
||
| |
©1999-2006 'de Luikerwaal' Alle rechten voorbehouden. Bijgewerkt tot 18-08-2006. |